zaterdag 24 december 2011

Je verwacht het niet



Na vorig jaar bij ‘Het Zusje’ te hebben gegeten, werden we dit jaar door Arie uitgenodigd om het TSD kerstdiner te nuttigen bij Chinees Kantonees restaurant Taiwan in de Luttekestraat in Zwolle. Best verrassend: kerst bij de chinees. Maar dat het niet een standaard hapje eten bij de chinees werd wordt wel duidelijk uit het menu wat ons voorgezet werd.  

Na een welkomsdrankje met een knabbeltje werd de eerste gang opgediend. Op kleine schaaltjes werd een serie koude gerechten geserveerd:
·         Gemarineerde jelly fish
·         Koolrabi zoetzuur
·         Rundvlees plakjes
·         Zijde taufu met duizendjarig ei
·         Gedroogde garnalen
·         Speklapjes gedroogd in soja
·         Peultjes
·         Varkensbil

Daarna worden achter elkaar verschillende warme gerechten opgediend:
1.      Krabbenboutjes
2.      Kai Cai groente
3.      Gestoomde hele tarbot
4.      Bedelaarskip
5.      Szechuan vissoep
6.      Ossenhaas met broccoli
7.      Lamskoteletjes in chinese 5 kruiden opgebakken
8.      Peking eend traditioneel

Bij ieder gerecht wist meneer Frank (dat was toevallig de naam van de man die ons de gerechten bracht) wel iets te vertellen. Over de ingrediënten of over het ontstaan van een gerecht. Bij iedere gang werd een andere wijn geserveerd dus jullie moeten het me niet kwalijk nemen dat ik niet alles meer weet wat hij verteld heeft. Maar ieder gerecht had een fijne, pittige, verrassend of juist neutrale smaak. Alles prima in balans en in ‘on-chinese’ bescheiden hoeveelheden.

Helemaal aan het einde werd het diner afgesloten, voor degene die toch nog honger/trek hadden, met   Kantonese nasi en bami.

Was vorig jaar het motto “We gaan voor een ster”, voor komend jaar heeft Arie het motto “Je verwacht het niet” voor TSD bedacht. En dan vooral dat de klant niet datgene krijgt wat hij verwacht, maar meer! En daar sluit dit kerstdiner mooi bij aan. Alles wat we vandaag gegeten hebben past prima in het motto. Eten bij de Chinees. Je hebt er bepaalde verwachting van maar we hebben zeker meer gekregen dan we verwacht hadden.

Tijdens het diner was er ook ruimte voor de verkiezing van de beste “TSD cap op reis”-foto. Sinds ons bezoek aan Portugal heeft iedereen foto’s in kunnen zenden met hierop de TSD-cap op bijzondere plaatsen. Onderstaand de foto die uiteindelijk met een overweldigende meerderheid van stemmen gekozen is. De foto is door mijzelf in Oostenrijk genomen. Maar ik moet hier ook Yoeri bij noemen die minstens 10 keer de pet weer op de kop van de koe gezet heeft. De koe was een bijzonder nukkig model.



zaterdag 26 november 2011

Blauw bloed - deel 2


In mijn vorige blog heb ik verteld wat ik allemaal doe om inzicht te krijgen in mijn voorouders. Daarin gaf ik aan dat er mogelijk, zij het sterk verdund, blauw bloed door onze aderen stroomt. Nu werd ik meteen subtiel door mijn zussen er op gewezen dat blauw bloed verschillende oorzaken ka hebben: zuurstofgebrek, drank, kou of een ziekelijk witte huid door gebrek aan buitenlucht. Allemaal waar alleen heb ik het in dit verhaal over ander blauw bloed, adellijk blauw bloed. Ja, wij zijn waarschijnlijk (*) van adellijke afkomst. Kijk dat is een interessante stelling. En die komt niet zomaar uit de lucht vallen. Laat ik die eens voor jullie enigszins onderbouwen.

Daarvoor is een korte basis cursus genealogie wel noodzakelijk. Anders ben ik jullie over drie generaties mogelijk al kwijt. In mijn zoektocht naar onze voorvaderen neem ik mijn oudste zoon Yoeri even als begin persoon. Hij wordt de proband genoemd. Hij heeft een vader (dat ben ik) en een moeder. Wij zijn de tweede generatie. Wij hebben ook weer ouders, de derde generatie. In iedere generatie wordt het aantal ouders dus verdubbeld. De vierde generatie bestaat dus uit 8 personen, de vijfde uit 16 en de zesde generatie uit 32 voorouders. In de genealogie gaan we niet uit van ‘kunstmatige inseminatie’, er is altijd een vader en een moeder. Al kan een van de twee onbekend zijn. Als we nu al deze voorouders presenteren op papier, het internet of wat voor manier dan ook dan noemen we dit een kwartierstaat. Een andere manier van publiceren is het gebruik van een parenteel. Hierbij kijk je niet terug in het verleden maar neem je een persoon en daaraan ‘hang’ je alle afstammelingen. De parenteel van mijn vader heeft daarbij 7 kinderen, 16 kleinkinderen en 1 (nog wel) achterkleinkind.

Ik gebruik altijd een kwartierstaat om mijn bevindingen te publiceren, dus laten we daar nu maar mee verder gaan. In eerste instantie heb ik mijn speurtocht gericht op de Rommens en van Gils-lijn (moeder’s kant). Ik heb daarom alle generaties nog lang niet compleet in beeld, ik ben pas drie jaar bezig. De stamboom bestaat op dit moment uit 1380 personen. Wat dat betreft ben ik een groentje in stamboomland, zowel qua leeftijd als qua ervaring. En als ik eenmaal mijn website met de kwartierstaat klaar heb dan meld ik dat wel, dan kunnen jullie al de families op een rijtje zien. Ben nu druk om de site te herbouwen.

In de Rommens-lijn ben ik inmiddels in begin 1600 aangekomen, de twaalfde generatie (ik hou Yoeri nog steeds als eerste generatie aan). In de van Gils-lijn heb ik twee generaties meer en dan zitten we eind 1500. In deze generatie heb ik ook familie van mijn schoonmoeder zitten. Maar in deze lijn is nog geen adellijk bloed bekend. Zo ver ik heb kunnen achterhalen zijn het allemaal hardwerkende mensen die (de ene generatie iets meer als de andere) het behoorlijk zwaar hadden. Er is veel babysterfte en ook stierven er veel kinderen al op jonge leeftijd. Voor de adel moeten we terug naar de achtste generatie (1736). Daar trouwt Marijnis Rommens met Elisabeth Verhulst. Als we de lijn van Elisabeth nu rechtsaf (in mijn software staat de vader altijd links) volgen en na een paar generaties nogmaals rechtsaf slaan komen we in 1260 aan. Dan wordt Raso II van Gaveren geboren. Op zich niets bijzonders alleen wordt hij eind 1290 Heer van Liedekerke en Breda. Tádá!! Als dat geen adel is. Dit is de tweeëntwintigste generatie. Het blauwe bloed. Ik heb ook al zijn voorouders in beeld. Dit gaat terug tot Heinrich II van Schoten Breda, geboren in 1132 in Breda, de zesentwintigste generatie.

Maar omdat bij Raso II waarschijnlijk de eerste verdunning van het bloed heeft plaatsgevonden met zijn huwelijk met Aleida van Boulaer ga ik maar even uit van deze generatie. Deze generatie bestaat dus (even rekenen) uit 2.097.152 voorouders. Nu wordt het lastiger, ik ben nooit een held in rekenen geweest, maar volgens mij is Yoeri 0,00004 % van deze groep. 5 liter bloed, waarvan dus 0.00004% blauw. Dat dan 0.0002 centiliter. Is niet veel maar toch. En het leuke is dat ik als tweede generatie twee keer zoveel heb.  Vanavond toch maar uitkijken met scheren, voor je weet ben ik precies dat beetje blauw bloed kwijt. En voor de mensen die nu bang zijn dat ik het hoog in mijn bol krijg, geen paniek. Jullie mogen mij met Hooggeboren Heer aanspreken maar Frank mag ook gewoon.

(*) De gegevens over de afkomst vanaf Elisabeth Verhulst heb ik gekregen van de heer Ger Klein uit Arkel. Hij heeft veel werk gestoken in het in kaart brengen van het gehele archief van Etten. Uit deze archieven zou de link met Raso naar voren komen. Al heeft hij wel een voorbehoud gemaakt bij de achttiende, negentiende en twintigste generatie.

zaterdag 12 november 2011

Stroomt er blauw bloed door mijn aderen?


Dit keer geen blog over hoge bergen en diepe dalen. Ook niet over verbouwingen of leuke tripjes voor mijn werk. Dit keer wil ik wat vertellen over een andere grote hobby van mij: genealogie of wel stamboomonderzoek.

In 2008, tijdens de 80ste verjaardag van mijn moeder, kreeg ik van een oom de vraag of ik gegevens van mijn broer en zussen wilde verzamelen. Het ging daarbij om geboorte datums, trouwdatums, geboorte datums van hun kinderen enzovoort. Deze oom (zwager van mijn vader) was bezig met een stamboom en daar maakt onze familie ook deel vanuit. Ik heb deze taak enthousiast op me genomen, niet beseffend dat dit een langlopend project ging worden. Op school was geschiedenis altijd al een favoriet vak (heb op de MAVO ooit nog een 10 voor op mijn rapport gehad) en het verzamelen van de gegevens was leuk om te doen. En ik raakte hierdoor verder geïnteresseerd in wie dan mijn voorouders waren. Wat navraag in de familie leverde al snel meer gegevens op van de Rommens en de van Gils voorouders.

Trouwakte van de opa van mijn vader
En daarna wordt internet een geweldige bron van informatie. Overheidsarchieven zijn veelal via internet in te zien. Vooral in de streek waar de Rommens en van Gils gewoond hebben (Breda en directe omgeving) zijn de archieven geweldig gedigitaliseerd. Daarnaast zijn er veel genealogen die hun stambomen op het internet publiceren zodat je ook hier veel gegevens uit kunt verzamelen. Je vindt dan niet altijd direct de juiste personen maar via-via kom je toch achter veel gegevens. In het begin gaat het ontzettend hard en heb je zo 3, 4 voorouders op een avond gevonden. Maar hoe verder je teruggaat in de tijd, hoe moeilijker het wordt om een nieuwe voorouder te vinden. Maar des te groter is (althans zo ervaar ik het) de voldoening als je er dan toch weer 1 gevonden hebt.

Ook ik heb mijn stamboom op internet gepubliceerd. En het leuke is dat volstrekt onbekende mensen daar op reageren om meer informatie te vragen over een bepaald deel van de voorouders. En die mensen weten dan vaak ook weer andere stukjes in mijn stamboom aan te vullen. Daarnaast zoek ik via diverse forums contact met andere genealogen en daar kun je allerlei vragen aan stellen. Alles wat ik tot nu toe verzameld heb, heb ik allemaal vanachter mijn beeldscherm bij elkaar verzameld. Ik ben een keer in het archief in Gouda geweest (dit archief is via internet slecht in te zien) om meer gegevens over de voorouders van mijn vrouw te verzamelen. Maar ook daar zit je dan achter een groot beeldscherm naar microfiches te kijken. Echt bladeren door oude boeken heb ik nog niet gedaan.

Voor het bijhouden van al deze gegevens is de computer onmisbaar. Er zijn een aantal software programma’s te vinden die speciaal hiervoor gemaakt zijn. Ik gebruik het gratis Family Tree Builder programma. Het is een gebruiksvriendelijk programma wat naast een aantal beperkingen ook de mogelijkheid biedt om direct je stamboom op internet te plaatsen. Al de stambomen van gebruikers van deze software worden met elkaar vergeleken. Zodra personen in andere stambomen matchen met mijn gegevens krijg ik hier bericht over. Ook daarmee vul ik mijn gegevens aan. Al moet je hier natuurlijk altijd wel een controle op uitvoeren. Maar net die naam van een moeder of een trouwdatum biedt weer houvast met het verder zoeken in archieven.

Bij het doorzoeken van overheidsarchieven zijn wel, behalve de beschikbaarheid op internet van de archieven, wat beperkingen. Volgens de wet mogen geboorte aktes pas naar 100 jaar vrij gegeven worden. De geboorteakte van mijn vader kan ik hierdoor dus nog niet inzien. Voor trouwaktes geldt 75 jaar en voor overlijdensaktes 50 jaar. Overheidsarchieven gaan tot ongeveer 1811 terug. Toen is vanuit de overheid begonnen met het registreren van de gegevens. Voor die tijd zijn het vooral kerkelijke archieven die de gegevens bevatten. Daarbij loop je meteen tegen het feit aan dat in die archieven bijvoorbeeld niet de geboorte datum maar de doopdatum geregistreerd wordt. Bij katholieken was de doop vaak op de geboortedag maar in de Nederlands Hervormde kerk gebeurde dat vaak maar 1 keer per week. Daar moet je dus bij het bekijken van de gegevens wel rekening mee houden. Daarnaast is het een ongeschreven wet dat je nooit gegevens van nog levende personen onbeveiligd op het internet zet. Niet iedereen houdt zich daar aan maar mijn stamboom voldoet wel aan dit criteria.

Hoe zit het nu met dat blauwe bloed. Ik heb inmiddels geleerd dat stamboomonderzoek een lange termijn hobby is. Je bent nooit klaar. Daarom kom ik in een volgende blog terug op de vraag of er blauw bloed door mijn aderen stroomt.

zondag 30 oktober 2011

Mannendag




110 miljoen jaar geleden waren de verschillende aardplaten volop in beweging. De Afrikaaanse tektonische aardplaat zet zich in beweging naar het Noorden en komt daar de Europeese plaat tegen. Dat wordt een botsing van jewelste. Deze beweging was niet in een jaarje gepiept. Het hoogtepunt van deze beweging was 50 miljoen jaar geleden. Door de botsing van deze twee platen zijn gigantische bergen ontstaan: de Alpen. Ook vandaag de dag blijven de bergen door de beweging van de verschillende aardplaten groeien. De huidige vormen van de bergen zijn  door erosie pas 2,5 miljoen jaar oud.

Klein tussen grote bergen
En vandaag lopen door deze, door gigantische natuurkrachten ontstane bergen, twee hele pieterig kleine wezens. 1000 keer kleiner dan de omgeving. En toch proberen ze enigszins deze grote bergen te bedwingen. Hetgeen van hun standpunt uit wel lukt, maar of de bergen er zelf van onder de indruk zijn is maar zeer de vraag.

Vandaag is het mannendag. Alhoewel Olaf alle natuurlijke kenmerken van een man heeft, is het vandaag de dag dat Yoeri en Frank samen op pad gaan. Samen hebben ze een route bedacht waarbij serieuze hoogtes moeten worden overwonnen. En daar zijn wel mannenbenen voor nodig. O ja, niets seksistisch ten opzichte van Annemiek. Zij geeft er geheel vrijwillig de voorkeur aan om bij Olaf te blijven.

De tocht begint om 9 uur bij het hotel op 1300 meter hoogte. Het eerste stuk is een warming-up. 20 minuten richting het einde van het dal, om daarna rechtsaf te slaan de beboste bergheling op. Daar begint vrij snel het serieuze 'klimwerk'. Let wel, we hoeven niet aan touwen gezekerd  te worden, het pad is goed begaanbaar. Alleen heel erg omhoog. Al gauw plakt het shirt aan je lijf en moet je regelmatig het zweet van je voorhoofd wissen. Moeilijk is het volgen van het juiste pad niet. Er zijn niet veel zijpadden en we volgen de uitgezette route nummer 50, de Thomas Pens Höhenweg. Het pad blijft maar omhoog gaan en de bebossing begint steeds dunner te worden. We moeten een paar bergstromen oversteken. Deze geven meteen vers water voor onderweg. Uiteindelijk komen we, naar ruim anderhalf uur klimmen, op een wat vlakkere weg. We hebben het hoogste punt van de tocht op 2110 meter bereikt. Een momentje van euforie is ons wel gegund, we hebben het toch maar voor elkaar gekregen. Natuurlijk stelt het verder niet veel voor want we weten ook dat bergarbeiders met een maaier grote delen van het pad wat wij belopen hebben nog niet al te lang geleden voor ons gemaaid hebben. Maar voor jongens uit de Holandse platte polder toch even een momentje om trots op te zijn.
Stuwmeer en de gletsjer

We volgen het pad verder. Links van ons zien we de Karlspitze van ruim 2800 meter hoogte. Rechts het dal waar we af en toe ver kunnen kijken. Feichten en ook de andere dorpen in het dal kunnen we vaak tussen de bomen en rotsen door zien. Ook als we naar het einde van het dal kijken zien we even het stuwmeer en de daar achter gelegen geltsjer. Het geeft mooie foto-momenten. Het lopen gaat nu stukken eenvoudig als zo de berg op. Al blijven er een aantal lastige stukken in zitten waarbij we eerst naar beneden gaan, een bergstroom moeten oversteken en dan weer omhoog gaan. Naar ruim 2 uur min of meer vlak pad komen we de eerste tegenliggers tegen, een Belgisch gezin die de route in tegengestelde richting lopen.

Hekketje plaatsen
We komen op een kruising van padden terecht waarbij we slechts één keuze hebben, pad 23 naar beneden. Het pad om de bergkam verder te volgen is afgesloten in verband met werkzaamheden. Verder op de berg zijn ze lawinehekken aan het plaatsen. We hebben dit vanuit het hotel al gezien, een helikopter vloog af en aan met de hekken. We lopen ongeveer te hoogte van het hotel de berg af. Dit is eenvoudig gezegd dan gedaan. Dik anderhalf uur duurt het toch nog voordat we net boven het hotel uit het bos komen. Van klimmen krijg je het ontzettend warm maar van dallen krijg je pas echt zere benen. Een paar dagen later is het nog in de kuiten te voelen.

Na ruim 5 uur wandelen hebben we 'slechts' 5 kilometer gelopen. Waarbij we wel ruim 700 meter hoogte verschil hebben bedwongen. We voelen dit toch , als Hollandse Kaaskoppen, als een kleine overwinning op deze grote bergen. Tevreden leggen we de benen op een stoel en genieten van een biertje. En de bergen? Ach, die hebben hun werk als toeristische attractie voor vandaag  weer gedaan.

vrijdag 21 oktober 2011

Het hoogste punt van deze vakantie






Het bestemming van vandaag ligt hemelsbreed misschien maar 20 kilometer van het hotel. Probleem is alleen dat er een paar bergen van meer dan 2000 meter hoog tussen het hotel en het einddoel liggen. Dat wordt dus omrijden. Het doel van vandaag is namelijk de gletsjer aan het einde van het Pitztal, het dal dat paralel ten westen van het Kaunertal ligt.

Na weer een voedzaam ontbijt moeten we 60 kilometer omrijden om bij de gletsjer te komen. Hier ligt in het plaatsje Mittelberg een gletsjerbaan die ons van 1740 meter naar 2840 meter zal brengen. Deze keer is het geen cabinbaan maar een soort metro die schuin omhoog door de berg naar boven gaat. De tunnel is 3350 meter lang en de reis duurt ongeveer 10 minuten. Komende uit de 'metro' komen we op een soort maanlandschap terecht. We staan onderaan de gletsjer maar deze heeft zich ruim 100 meters teruggetrokken. Wat overblijft is een stenen kale vlakte met hier en daar een rotsblok. Wat het geheel nog troostelozer maakt zijn de bouwactiviteiten die op de vlakte plaatsvinden. Het is kortom geen al te fraai uitzicht. Waarschijnlijk is het hier in de winter goed vertoeven want vanaf de vlakte lopen verschillende stoeltjes- en sleepliften verschillende kanten de gletsjer op. De enige baan die nog in bedrijf is, is de cabinebaan die ons naar  de Hinterer Brunnenkogel op 3440 meter brengt. Boven wacht ons een tweede teleurstelling, er wordt ook daar volop gebouwd. Gevolg is dat we alleen uit de cabin kunnen en op het platform, waar je in- en uit stapt, kunnen rondkijken. Verder kunnen we niet. We moeten daar een half uur blijven en daarna, met dezelfde cabins, weer mee naar beneden.

Het uitzicht hierboven is, als je langst de bouwkraan kijkt, wel schitterend. We worden omringd door allemaal hoge kale bergen waarbij de hoogste (die we kunnen zien) 3774 meter hoog is. Een half uur lang hebben we weer ontelbare foto's kunnen nemen. Dat wordt thuis weer een hele puzzel om de mooiste er uit te zoeken. Eenmaal beneden kunnen de meegebrachte vesten makkelijk uit en moet ook de zonnebrandcreme gebruikt worden. De zon schijnt volop terwijl, voor de mooiste foto's, ook een aantal stapelwolken in de lucht hangen. We nemen wat te drinken en verbazen ons hoe al het bouwmateriaal, er staat een bouwkraan die bij ons gebruikt worden voor gebouwen van 4-5 verdiepingen, hier boven is gekomen. Ook halverwege de gletsjer kruipen graafmachines en bulldozers rond. We nemen ook nog een kijkje bij de kapel van het witte licht, een moderne kapel naast de gletsjer. Hierna nemen we de metro terug naar beneden.
 
Bijna naast de gletsjerbaan staat een cabinnenlift naar een bergmeer. Ook deze baan nemen we om boven te komen. Boven bij het bergstation (2300 meter) hebben we prachtig uitzicht op een groot bergmeer, de Rifflsee (2230 meter). Om dit meer is een wandelpad aangelegd wat goed toegankelijk is voor zowel families als senioren. Makkelijk begaanbaar dus. We ronden het meer in ongeveer een uurtje en hebben, geholpen door het water en de wolkenluchten, nog een paar mooie fotomomenten. De jongens vermaken zicht prima met het 'zeilen' van stenen over het water. Het is een leuke relaxte wandeling.

Na een in kilometers langere, maar in tijd kortere,  terugreis genieten we met een biertje na bij het hotel. Het weer was perfect en de locaties bijzonder. Voor morgen hebben we een 'Mannen'-dag gepland.

zaterdag 15 oktober 2011

Eerst langzaam maar daarna in volle vaart naar beneden




Ter voorbereiding van deze vakantie hebben we op internet allerlei uitstapjes bekeken. Vandaag gaan we naar Imst waar een Alpine Roller Coaster is. En hier verheugd Olaf zich, naast het zwemmen bij het huisje in Duitsland, het meeste op. Maar voordat we met deze 'roddelbaan op rails' naar beneden storten gaan we eerst nog even een stukje wandelen. Wat op de kaart eenvoudig leek, bleek in de praktijk iets anders uit te vallen.

Eerst naar Hoch Imst (ongeveer 45 minuten rijden van ons hotel). Hier nemen we de stoeltjeslift naar boven. Beneden (1000 meter hoog) schijnt de zon volop en is het al lekker warm. Ook halverwege op 1500 meter is het nog heerlijk zonnig. We zien door bewolking de eindbestemming van de stoeltjeslift op 2050 meter niet. Verrassend is het dan ook dat het weer helemaal boven mooi zonnig is. We kijken bovenop een dunne wolkenlaag die het dal vult. Het weer werkt ook vandaag voor de mooie foto's weer bijzonder goed mee.

We weten dat Olaf meer een daler dan een klimmer is dus hebben we de route van vandaag zo gepland dat het alleen bergafwaarts gaat. Van 2050 meter via de Muttekopfhütte (1934 meter), langst de Latschenhütte op 1632 meter naar het begin van de roddelbaan (1491 meter). Het eerste deel van de afdaling gaat via de Drischlsteig. En dat is geen eenvoudig pad door groene Alpenweiden.




Nee, het is een afdaling waarbij we geholpen worden door trappetjes en stalen kabels waaraan we ons vast kunnen houden. En dat is best wel nodig. Padjes van nog geen meter breed waarbij de berg steil omhoog gaat en het dal steil beneden ligt. Niet echt een relaxte afdaling, het is af en toe best wel een beetje eng maar het uitzicht op de bergen maakt alles goed. Naar dik een uur , waarbij we bijna de hele tijd de Muttekopfhütte in het zicht houden, dallen kunnen we, genietend van een glas drinken bij de 'hütte', dik tevreden zijn over de geleverde
prestatie. Dat was wel even een andere afdaling dan dat we voorzien hadden, maar we hadden het niet willen missen. O ja, bij de 'hütte' zien we een bord staan bij het pad waar we net vandaan komen. Op dit bord staat dat het pad alleen voor geoefende bergwandelaren te "bewandelen" is. Nou, vanaf vandaag zijn wij dus ook geoefende bergwandelaars.

Muttekopfhütte
Het tweede deel van de afdaling gaat, zeker als je het vergelijkt met de Drischlsteig, stukken eenvoudiger. Eerst nog kronkelend de berg af maar al snel wordt het een breed begaanbaar pad naar de Latschenhütte. Vandaaruit gaat het door een stuk bos en over een Alpenweide naar het begin van de roddelbaan. En dat is een lokale top attraktie wat veel publiek trekt. We moeten ruim een uur wachten voordat we aan de beurt zijn. Gelukkig hebben ze een volgnummer systeem waardoor je rustig een beetje rond kon lopen en pas in de rij gaat staan als je nummer aan de beurt is.

Annemiek is, met de tassen, met de stoelltjeslift naar beneden. Eindelijk kunnen we plaatsnemen in het roddelbakje. Door middel van een hendel kun je bepalen hoe hard je over de 3500 meter lange baan naar beneden gaat. Helaas hebben wij de pech dat twee sleetjes voor ons iemand met de rem vol aangetrokken naar beneden slakt. Om er niet boven op te knallen moeten we een paar keer stoppen om weer voldoende ruimte tussen de sleetjes te creeëren. Verder is het spectaculair om zonder te remmen de berg af te racen. Vrijdag gaan we nog een keer!

Naar deze adrenaline sensatie zijn we wel toe aan een ijsje. Hierna begeven we ons terug naar het hotel. We hebben samen  een paar grenzen verlegd. Ook vandaag gaat weer de boeken in als zeer geslaagd. 

vrijdag 7 oktober 2011

Dit keer geen vakantie-blog

Murphy op visite. En we hadden hem niet eens echt uitgenodigd.

Zo'n begin vraagt om wat meer uitleg. Zo als ik al een paar blogs geleden heb uitgelegd zijn we met een metamorfose van onze huiskamer, keuken en bijkeuken bezig. Omdat ik mijn beperkingen ken, huren we voor verschillende werkzaamheden mensen/bedrijven in. Zo ook voor de verwarming. In de woonkamer moest een nieuwe vloer gelegd worden en daarom moesten de twee verwarmingselementen die op steunen op de grond staan tijdelijk worden verwijderd. Vanwege het isoleren van de muur in de bijkeuken moest ook daar een radiator tijdelijk het veld ruimen.

Omdat we tot nu toe geen verkeerde ervaring hadden met het installatie bedrijf wat ook de verwarming 4 jaar geleden had aangelegd, hebben we met dit bedrijf contact gezocht. De afspraak voor het verwijderen is eenvoudig gemaakt. Op het afgesproken moment komt een stevige jongeman om de drie radiatoren te verwijderen. Op verzoek brengt hij eenvoudig de radiatoren naar de eerste verdieping. Nu is het demonteren van een radiator tegenwoordig niet al te moeilijk. Bij de ingang kun je gewoon de toevoerkraan dichtdraaien. Bij de uitgang zit ook een (verstopt) kraantje die ook dicht kan. Hierdoor kun je de radiator zonder heel het systeem leeg te laten lopen verwijderen. Zo ook bij de drie radiatoren. Maar wie komt daar binnen: Murphy. De monteur heeft amper het pand verlaten of in de bijkeuken lekt de uitgangskraan. Annemiek meteen bellen en even daarna staat een andere monteur op de stop. "O, dat is interessant, normaal doe ik alleen maar onderhoud. Ook wel eens leuk om iets anders te doen" Leuk voor de onderhoudsmonteur maar opschieten doet het niet. Veel bellen met kantoor, foto doorsturen, stopkraan ophalen. Maar uiteindelijk is de lekkage verholpen.

 Na een veertien dagen is de nieuwe vloer gelegd en er wordt een nieuwe afspraak gemaakt om de twee radiatoren in de woonkamer weer op te hangen. Monteur nummer drie komt binnen en is hoogst verbaasd dat de elementen niet beneden staan. "Wat een PIEP, is die collega van mij. U denkt toch niet dat ik die zware krengen naar beneden ga lopen sjouwen. Ik ga bellen!" En weg is hij. Na een kwartiertje is een collega opgetrommeld en kan het monteren beginnen. Echt voorzichtig gaat dit niet. Een restant water uit de radiator loopt de nieuwe vloer op. " Ach mevrouwtje het is maar een beetje water" Ja, alleen wel water wat al vier jaar in een systeem rondjes draait. Gelukkig is Annemiek er snel bij en is er verder geen schade. Annemieke moet wel even uitleggen hoe de steunen op de grond moeten worden gemonteerd en hoe daarna de radiatoren eraan gehangen moeten worden. Maar goed, uiteindelijk hangen ze. En alles doet het. Snel de deur dicht, Murphy buiten laten.

Maar we zijn er nog niet, de radiator in de bijkeuken moet nog terug. Met enigszins een zwaar gevoel wordt een afspraak gemaakt met no steeds het zelfde bedrijf. Op het afgesproken moment staat een ingehuurd mannetje voor de deur. Niet van het bedrijf maar wel namens het bedrijf.  Echt klantvriendelijk is de man niet maar goed. Hij gaat voortvarend te werk. Zo voortvarend  dat er geen tijd is om te testen of de radiator wel warm wordt. Een bonnetje maken, nee geen tijd. Tata Murphy. Annemieke test de verwarming. Alles wordt warm behalve, juist de net opgehangen radiator. Weer bellen. Man weer terug. Mopper mopper, ouwe klerezooi. Sorry, het is pas vier jaar oud hoor. Maar zijn conclusie is dat de uitgangskraan, die de vorige keer bleef lekken, nu niet open wil. Waarschijnlijk hebben ze bij de poging om het lekken bij de demontage van de radiator te strak dichtgedraaid waardoor deze nu niet meer open wil. Natuurlijk heeft de man geen reserve kraan. Dat duurt weer een week voordat hij terugkomt. Ondanks dat we het van te voren hebben aangegeven heeft hij tijdens het tweede bezoek ook geen muurbeugeltjes bij zich. Die moeten weer ergens vandaan gehaald worden.  Gelukkig heeft hij nu wel tijd om te testen. En zo waar: alles doet het, niets lekt.

Zo kan het dus gebeuren dat iets wat redelijk eenvoudig lijkt, toch behoorlijk ingewikkeld gemaakt kan worden. Dus als jullie ooit in de beurt van Zwolle een verwarmingsinstallatie bedrijf zoeken, meldt het even, dan kunnen we jullie de naam van het bedrijf doorgeven waar je vooral niet moet zijn. Positief aan dit verhaal is wel dat, na een mail waarin ik mijn teleurstelling heb geuit, het bedrijf het laatste bezoek niet heeft gefactureerd.